Mogen gemeenten houtstook verbieden?
Onderwerpen zoals de zorgplicht, Stookwijzer, spoor-0, de evenredigheidstoets nieuwe stijl, lokale risicoanalyse, Awb 3:2, Awb 3:4 worden afzonderlijk uitgelegd en juridisch gestructureerd
Onderwerpen zoals de zorgplicht, Stookwijzer, spoor-0, de evenredigheidstoets nieuwe stijl, lokale risicoanalyse, Awb 3:2, Awb 3:4 worden afzonderlijk uitgelegd en juridisch gestructureerd
Gemeenten onderzoeken steeds vaker maatregelen rond houtstook. Dit kenniscentrum beschrijft welke juridische instrumenten daarbij worden gebruikt of onderzocht, welke randvoorwaarden gelden en hoe deze juridisch samenhangen.
De centrale juridische vraag is of gemeenten houtstook mogen beperken of verbieden. Volgens de juridische analyse binnen dit kenniscentrum ontbreekt momenteel een zelfstandige juridische grondslag voor generieke gemeentelijke houtstookverboden onder de Omgevingswet.
Hieronder worden de belangrijkste juridische onderwerpen kort toegelicht. Via de buttons kunt u per onderwerp aanvullende informatie vinden.
De evenredigheidstoets vereist dat eerst wordt onderzocht of minder ingrijpende maatregelen mogelijk en effectief zijn voordat gemeenten overgaan tot dwingende beperkingen. Binnen dit houtstookdossier wordt deze voorfase aangeduid als spoor-0.
de evenredigheidstoets
Activiteitenregeling en maatwerkvoorschriften
De Omgevingswet en het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) bieden mogelijkheden voor maatwerkvoorschriften bij concrete situaties. Toepassing bij particuliere houtstook is juridisch beperkt en vraagt een concreet, herleidbaar en individueel geval.
Binnen het houtstookdossier wordt steeds vaker gesproken over hinder, geur en overlast. Juridisch is daarbij van belang dat de APV primair ziet op openbare orde, veiligheid en leefbaarheid.
Wanneer begrippen als hinder en overlast feitelijk worden gebruikt voor emissies, rook, luchtkwaliteit of gezondheidsrisico’s, blijft het juridische kader van de Omgevingswet van toepassing. Hierdoor ontstaan belangrijke juridische vragen over de afbakening tussen APV-beleid en milieurecht.
Volgens deze analyse ontbreekt momenteel een zelfstandige juridische grondslag voor generieke gemeentelijke houtstookverboden onder de Omgevingswet.
Voordat gemeenten dwingende of generieke maatregelen rond houtstook kunnen nemen, moeten eerst juridische randvoorwaarden worden ingevuld. Daarbij gaat het vooral om spoor-0, lokale onderbouwing en de evenredigheidstoets. Als deze randvoorwaarden ontbreken, komt de juridische basis voor dwangmaatregelen al aan het begin onder druk te staan.
poor-0 betekent dat eerst minder ingrijpende maatregelen worden onderzocht, zoals voorlichting, stookcursussen, onderhoud en technische verbeteringen. Zonder dit onderzoek kan een zwaardere maatregel juridisch onevenredig zijn.
De zorgplicht binnen de Omgevingswet heeft vooral een vangnetfunctie voor concrete situaties. De juridische vraag is of deze bepaling gebruikt kan worden als zelfstandige basis voor generieke gebruiksbeperkingen.
De Stookwijzer is een informatief adviesinstrument en geen wettelijke norm. Binnen het houtstookdossier ontstaat daardoor de juridische vraag of gemeenten een niet-bindend adviesinstrument kunnen gebruiken voor handhaving of generieke beperkingen.
Een lokale risicoanalyse moet inzicht geven in lokale blootstelling, risico’s en proportionaliteit. Zonder lokale onderbouwing ontstaat juridisch de vraag waarop generieke maatregelen precies worden gebaseerd.
De Omgevingswet biedt mogelijkheden voor lokale omgevingswaarden. Bij houtstook ontstaat daarbij de juridische vraag hoe lokale blootstelling, risico’s en proportionaliteit objectief meetbaar kunnen worden onderbouwd.
De APV ziet primair op openbare orde, veiligheid en leefbaarheid. Wanneer hinder of overlast feitelijk betrekking heeft op rook, geur, emissies, luchtkwaliteit of gezondheid, blijft het milieurechtelijke kader van de Omgevingswet relevant.
De evenredigheidstoets vereist dat gemeenten onderbouwen waarom een maatregel noodzakelijk, geschikt en proportioneel is. Binnen de zogenoemde evenredigheidstoets nieuwe stijl speelt daarbij ook de vraag of eerst minder ingrijpende maatregelen, zoals spoor-0, onderzocht en toegepast moeten worden voordat dwingende beperkingen kunnen worden ingezet.